God in een kwaad daglicht zetten. Het gebeurt volop. Wij schuiven Hem van alles in de schoenen. Als Hij echt God is, is Hij van alle ellende de schuld. Want Hij zou het anders kunnen maken. Maar doet dat niet. Reden om Hem af te danken. Gek genoeg blijven we Hem intussen toch vaak aanklagen. Alsof we net niet goed van Hem los kunnen komen. De Bijbel vertelt hoe het zover kon komen. Met een apart veelzeggend verhaal. Zonder iets te verbloemen.

Genesis 3 vers 6

De slang, waarvan staat dat hij de listigste was onder de dieren, letterlijk naakter dan naakt en daarmee symbool voor onbeschaamde leugen knoopte met Eva een vertrouwelijk gesprekje aan. ‘Heb ik het goed begrepen dat jullie van geen één boom mogen eten?’ Als Eva antwoordt, dat het alleen om die ene boom gaat, dat eten daarvan hun dood wordt, zegt hij: ‘Denk je dat nou echt?

Toe denk na: God wil alleen maar voorkomen dat jullie net zo wijs worden als Hij. Weet zullen hebben van goed én kwaad en zelf kunnen kiezen wat je doet. Daar ga je heus niet aan dood hoor. Je leert alleen op eigen benen staan.’ En zó, door God in een kwaad daglicht te zetten, wist die het gedaan te krijgen dat Eva ervan at. En Adam erin mee nam, om samen sterk te staan. Tegenover God.

Sindsdien zit God in de beklaagdenbank. Had Hij die boom niet neergezet, dan hadden wij er ook niet van kunnen eten, zeggen mensen. Dat wij verleid werden tot kwaad, heeft Hij aan zichzelf te danken. Hij is de kwaaie pier zogezegd. Op het eerste gehoor klinkt het zo logisch als wat. Maar is het dat ook?

Die boom, die bekende en beruchte, die boom van kennis van goed en kwaad was neergezet om ons de vrijheid te geven, als een escape om te kiezen voor jezelf en te bedanken voor Zijn liefde. In plaats van ons onder de duim te houden, gaf God ons dus vrijheid. Dat hoort bij liefde. Die dwingt niks af, sluit je niet op, maar houdt de deur open voor het geval je wilt gaan. Zo ook heeft God gedaan. Dat maakte Hem kwetsbaar. Maar zo waar Hij liefde is, kon en wilde Hij niet anders. Is het niet bijzonder dat God zoveel vertrouwen in ons had, dat Hij ons die ruimte gaf? Met alle risico van dien?

‘Je zult als God zijn, zelf de dienst uit kunnen maken’, had de slang gezegd. Het lokte en trok. De gevolgen waren ernaar. Ze keken ineens met andere ogen naar elkaar en naar God, zo vertelt het verhaal. Dat krijg je ervan als je voor god gaat spelen. Dan wordt je van geliefden concurrenten, die elkaar gaan wantrouwen, tegenover elkaar komen te staan. Het wordt in dit verhaal treffend getekend: ineens voelden die twee, Adam en Eva, zich zo naakt tegenover elkaar, zo onveilig, dat ze als de wiedewaai een schort van vijgenbladeren maakten om zich daarachter te verschansen.

Naar God toe was de boel ook verziekt. Toen Hij die dag voorbijkwam zoals voorheen, om in liefde met hen op te lopen, konden zij Hem alleen nog maar zien als een bedreiging. Voor wie ze zich angstig schuilhielden en die ze, toen dat niet meer ging en voor de dag kwamen, alleen een grote mond gaven. Hij: ‘Die vrouw die U mij hebt gegeven, die heeft mij verleid.’ Zij: ‘Die slang, die U hebt gemaakt, die heeft mij in de maling genomen.’ Ze kunnen richting God alleen nog maar bang of brutaal zijn. Voor Hem wegkruipen of Hem uitschelden. Zo gaat dat als de liefde zoek is. Tot op de dag van vandaag.

Hoe zal God reageren?

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *